KOPP-blog: omgaan met triggers

IN MIJN VORIGE BLOG
legde ik uit dat het normaal is dat je soms geconfronteerd wordt met een jongere versie van jezelf, die jou ineens helemaal kan overnemen. Dit gebeurt naar aanleiding van een trigger. To trigger betekent letterlijk: op gang brengen. Er is dus een situatie, en dat kan iets heel kleins zijn, zoals de blik in iemands ogen of een geur die je ruikt, die een oude reactie op gang brengt. Een herbeleving.
Triggers ontstaan alleen als er trauma is. Bij trauma is er namelijk een oude beleving die nog niet is afgerond, daarom keert hij terug. Zodat je hem alsnog kan afronden. Zo’n herbeleving heeft dus een functie.
Er bestaan veel clichébeelden over herbelevingen, bijvoorbeeld deze: een soldaat die, pas teruggekeerd uit de oorlog, weer naast zijn vrouw slaapt en haar ineens agressief aanvalt midden in de nacht. ‘Oeps, foutje! Ik dacht dat je de vijand was.’ 

De meeste herbelevingen zijn een stuk minder dramatisch. In ons land is er meestal geen sprake van direct oorlogstrauma, maar wel vaak van trauma in de hechting. De jongere versie van jou die dan verschijnt zal dus geen agressieve soldaat zijn, maar eerder een kind in nood. Woedend, verdrietig, hulpeloos en/of angstig. Omdat je meestal geen cognitieve herinnering hebt aan die eerste gebeurtenis, zal je je ook niet realiseren dat het hier om een herbeleving gaat.

Niemand ontkomt aan enig trauma in de hechting. Triggers zijn dus ook heel gewoon. Half Nederland is momenteel getriggerd door de corona. Heb je vooral last van de maatregelen en ben je daar nogal fanatiek over? Herbeleving van gevoelens van onmacht met strenge of juist wiebelige ouders (al naar gelang wat je van de maatregelen vindt). Heb je vooral last van de dreiging van een dodelijke ziekte, die door andere mensen wat minder serieus genomen lijkt te worden dan door jou, en ben je daar nogal fanatiek over? Herbeleving van gevoelens van onveiligheid in het gezin en daarover niet gehoord worden. Werk je als KOPP’er in de zorg, dan is de kans groot dat de te grote belasting wegens onderbezetting zeer triggerend voor je is. Je wordt dan soms even weer het kind dat vér over zijn of haar grenzen moet gaan omdat de boel anders in elkaar dondert.

Helaas doen we in onze cultuur structureel zo weinig aan emotionele ontwikkeling dat de meeste mensen zich hier totaal niet van bewust zijn. Wij nemen onszelf en onze belevingen meestal erg serieus, terwijl die lang niet altijd synchroon lopen met de realiteit van nu.
Dat geldt voor iedereen, met of zonder KOPP-achtergrond. Alleen wij KOPP’ers hebben meer trauma dan de gemiddelde persoon, en daarom doen we vaker (noodgedwongen) aan emotionele ontwikkeling. Vandaar dat jij nu deze blog zit te lezen. En dat is dan weer goed nieuws, want dan ga jij misschien wel actief met je triggers aan de slag.

Triggers zijn erg ontregelend, op zijn zachtst gezegd. Het is dus een belangrijke vaardigheid om ermee te leren omgaan. Als je er het juiste mee doet – de oorspronkelijke ervaring afronden – verdwijnt de trigger. Die heeft dan geen functie meer. 
Dus laten we de emotionele reacties op de coronapandemie, in welke richting dan ook, als voorbeeld nemen. Als je voelt dat je fanatiek wordt, ben je getriggerd. Dat is geen schande, geen misdaad, niets om je voor te schamen. Het betekent alleen dat er trauma is. En dus: werk aan de winkel.

Een trigger zet een herbeleving in gang. Van de emotionele lading die je voelt, hoort 90% thuis in het verleden. Omdat je zelf nog zo klein was, zijn de gevoelens zo ontzettend groot. Er is geen ruimte voor enige nuance, die hebben kleine kinderen namelijk nog helemaal niet. Je wordt fanatiek, het voelt alsof je leven ervan afhangt. Omdat dat vroeger werkelijk zo was. Je was namelijk een kind in emotionele nood. Maar een moordlustige peuter in een volwassen lichaam is behoorlijk beangstigend.
Slechts 10% van de lading die je voelt hoort thuis in het hier en nu. De maatregelen ZIJN vervelend en corona IS een pandemie. Daar moeten we allemaal iets mee. Sommige mensen moeten iets met het feit dat er een pandemie is (maatregelen verzinnen), anderen moeten iets met die vervelende regels (naleven… of niet?). Pakweg 10% van je emotionele lading, als je getriggerd bent tenminste, hoort thuis in het hier en nu. 
Ben je niet getriggerd, dan ervaar je alleen die 10%. Best een issue, die corona. Heus wel zorgelijk, en het brengt allerlei moeilijke dilemma’s met zich mee. Je zorgen maken, ja. Maar je hoeft er niet moordlustig door te worden, dat is buitenproportioneel.

Dus nu de hamvraag: hoe kan je het beste omgaan met triggers?
Stap 1: als je vermoedt dat je getriggerd zou kunnen zijn, check dan of je reactie in verhouding staat tot de gebeurtenis. Soms weet je dat niet zo goed, dan kan je dat onderzoeken, bijvoorbeeld door het bij andere mensen na te vragen. Op den duur ga je het gevoel wel herkennen van wanneer jouw reactie in of juist buiten proportie is; oefening baart kunst.
Stap 2: pas de 90/10-regel toe. Wat is de tien procent? Welke emotionele lading is wél gepast in deze situatie? Als je helaas meer hebt laten zien dan die tien procent die gepast was, kan je achteraf altijd je verontschuldigingen aanbieden aan de persoon die daarvan de dupe geworden is. Daarmee neem je zelf de verantwoordelijkheid voor je gedrag, wat reëel is voor een volwassene. 
Stap 3: geef je aandacht aan de 90% oude lading. Dat is eigenlijk de meest belangrijke actie, omdat je de oude beleving daarmee kan afronden zodat hij niet meer terugkeert. Je weet dat dit oude pijn is, al weet je heel vaak niet waarover. Dat is bij vroegkinderlijk trauma nou eenmaal veel minder duidelijk dan bij het oorlogstrauma van een soldaat.

Met die oude pijn kan je leren werken. Het enige dat je eigenlijk hoeft te doen, is het voelen ervan in je lichaam. Al weet je hoofd niet waarover dit gaat, jouw lichaam weet precies wat het moet doen. Dat wérkelijk toelaten en doorvoelen is eigenlijk al genoeg. 
Je kan dit zelf doen of je erbij laten begeleiden. Zelf begeleid ik mensen in dit proces zodat ze het daarna zelf kunnen toepassen; volgens mij is dat de meest duurzame manier. Want het gaat niet helemaal over, er blijven altijd triggers komen – al zullen het er wel minder worden. Hoe meer oefening je hebt gehad in het omgaan ermee, hoe gemakkelijker dat je zal afgaan.