KOPP-blog: controle over ‘boos’

ALS IK VROEGER, (HEEL, HEEL LANG GELEDEN)
naar de discotheek ging, dan stonden daar van die brede mannen voor de deur. Alleen al door hun aanwezigheid voelde ik me zodanig geïntimideerd dat ik eigenlijk liever niet naar binnen ging, maar ik werd altijd wel meegesleept door de één of de ander. Bij het passeren van de uitsmijters ging er dan een rilling door mijn lijf. Nou was ik, moet je weten, een heel onschuldig, iel wijffie dat je zó omverblies. Dus die bullebakken waren nooit in mij geïnteresseerd. Ik mocht er altijd door, dat lieten ze blijken door me te negeren. Ze hadden een mooie schuifschakelaar voor de energie ‘boos’ en die zetten ze voor mij op standje nul. Hoe gevaarlijker zij de bezoeker in kwestie inschatten, hoe barser ze werden. De stemmen werden lager en harder, de lijven breder en dreigender, de schuif ‘boos’ ging van nul naar vijf, zes, zeven. Ze danken hun naam aan standje tien natuurlijk, daar waar er fysiek geweld aan te pas moet komen om ongewenste indringers buiten de deur te zetten. 

Stel nou eens dat jij die discotheek bent. Ja, dat vraagt wel iets van je voorstellingsvermogen. Jouw energie ‘boos’ is de motor van je psychische immuunsysteem. Het systeem dat – net als de uitsmijter van de discotheek én net als het fysieke immuunsysteem – ongezonde bezoekers uit je persoonlijke ruimte weert, en de gezonde (die juist komen brengen wat je nodig hebt) toelaat.
De energie ‘boos’ bewaakt onze grenzen. Wie die energie niet gebruikt, wordt kwetsbaar voor indringers. Die laat mensen (of dynamieken) die schadelijk zijn, tóch naar binnen. En dat verzwakt de persoon. Je kunt je misschien voorstellen dat er van iemand bij wie dat voortdurend gebeurt, niet veel overblijft. Die wordt als het ware overgenomen door de indringers.

Wij KOPP’ers hebben van huis uit nogal eens geleerd om de emotie ‘boos’ stelselmatig te onderdrukken. Als de sfeer thuis onveilig is, is er immers geen ruimte voor de grenzen van een klein kind. Dat heeft zich maar gewoon aan te passen en niet lastig te zijn, dan kan er zoveel mogelijk aandacht naar de problemen die er zijn. Het onderdrukken van ons eigen ‘boos’ is voor ons vaak zo vanzelfsprekend dat we dat niet eens doorhebben. Anderen moeten ons vertellen dat we onze grenzen wel eens mogen gaan bewaken. Herkenbaar?
En dan is het ook nog eens zo dat het psychische immuunsysteem verbonden is met het fysieke. Onderdruk je het één, dan onderdruk je ook het ander. Heb je geleerd dat je je emotionele grenzen niet mag bewaken, dan ben je dus ook kwetsbaarder voor fysieke indringers, zoals bacteriën en virussen. Of erger. Chronische ziekte komt veel voor onder KOPP. 

Allergie is de andere kant van de medaille. In plaats van je immuunsysteem te onderdrukken, stel je het in het geval van allergie juist te gevoelig af. Bij fysieke allergie krijg je klachten doordat je lichaam je beschermt tegen een bezoeker die eigenlijk niet ongezond of schadelijk is. Je immuunsysteem vertrouwt die bezoeker niet. De uitsmijters vormen een blok dat zo wantrouwig en agressief is dat alleen slaapwandelaars nog worden doorgelaten. Daar gaat je dynamische discotheek. Wat een lol! 

Uiteraard gebeurt dit niet bewust; het is een aanpassing aan omstandigheden die je ooit hebt meegemaakt. Dus ben je juist tevéél op je huid gezeten vroeger, moest je samenvallen met vader of moeder, mocht je niet zelf een persoon worden, dan zul je eerder last hebben van allergie dan van grenzeloosheid. Ook deze kant van de medaille komt bij KOPP veel voor.

In het geval van emotionele allergie zet je dus een teveel van de energie ‘boos’ in. Daarmee houd je effectief álle mensen op een afstand, ook onschuldige of misschien wel mensen die vrienden hadden kunnen worden. Er zal dan weinig vreugde zijn. Als je niets of niemand binnenlaat, voel je je leeg.
Ook een te scherp ingesteld immuunsysteem is niet goed voor je gezondheid. Het leidt tot meer stress dan nodig en chronische stress is slecht voor je hart. 

Goede, gebalanceerde uitsmijters hebben controle over hun schuif ‘boos’ en kunnen die adequaat inzetten. Dat hebben ze geleerd. Ze zaten ooit op de uitsmijtersschool en daar hebben ze moeten dealen met alle ouwe woede die nog in hen zat, zodat ze nu zuiver kunnen inschatten of iemand al dan niet een lastpost of een gevaar wordt. En met hun ouwe angst, zodat ze de kracht van hun ‘boos’ zonder aarzelen durven inzetten. Met andere woorden, je emotionele immuunsysteem moet getraind worden. Dat werkt niet vanzelf als je dat niet van kleins af aan hebt meegekregen. Als je onder onveilige omstandigheden bent opgegroeid, zijn je uitsmijters in de war. Ze zijn te ontspannen of juist te nerveus.

Om het nog een tandje ingewikkelder te maken, zijn velen van ons dan ook nog eens gedesoriënteerd gehecht. We hebben geen idee waar we aan toe zijn, dus onze uitsmijters doen maar wat. De ene keer laten ze iedereen door, de andere keer gooien ze iedereen naar buiten die probeert een dansje te maken. Of wat dacht je van deze variant, ze doen elk wat anders. Gassen en remmen tegelijk. 
Het is dan heel goed mogelijk dat je op het ene gebied, of moment, je boosheid onderdrukt en op het andere juist te scherp inzet. Waardoor wordt dit bepaald? Het is soms heel moeilijk om daarachter te komen. Je kent niet ieder detail van jouw achtergrond als kind, je kunt niet precies alle trauma’s en dus alle triggers duiden. Wat zeker wél zal helpen, is simpelweg oefenen met de schuif ‘boos’. Van nul tot tien. 

Als je een gezellige en veilige discotheek wilt waar jouw geliefde bezoekers graag vertoeven, moet je jouw persoonlijke uitsmijters opleiden. Die van mij zijn momenteel druk in training om het hele spectrum te veroveren tussen ieltjes en fragieltjes (kom maar binnen hoor jongens, ik schik wel weer een stukje in) en bitcherig (opzouten, wie denk jíj wel dat je bent?!). Dat kun je zelf doen, maar er is ook best begeleiding voor te vinden. Het bewust opvoeden van kinderen (of puppy’s!) helpt, dan moet je aan de bak. Een goede bokstraining, als dat bij je past. Assertiviteitstrainingen of psychomotorische therapie (PMT), gewoon vergoed door de verzekeraar. Of, voor de wat meer kapitaalkrachtigen onder ons, de training Dit is mijn grens van mijn dierbare collega Ninouk Hehenkamp.

Ik garandeer je: het leven wordt een stuk leuker en gemakkelijker wanneer je je grenzen adequaat leert bewaken. En je stimuleert niet alleen je psychische, maar ook je fysieke gezondheid ermee.